Over reukballen, reukzin en alcoholisme

Ruiken doe je niet alleen met je neus. De gewaarwording van een geur vindt centraal plaats in je brein. Je reukvermogen heeft zelfs zijn eigen stukje hersenen. Wanneer je je maaltijd, je partner of je kind besnuffelt (da’s heel normaal), zuig je verschillende moleculen op en stuur je ze naar geurreceptoren in het reukepitheel bovenin je neus. De neuronen waar deze receptoren op zitten vuren en sturen hun elektrische boodschap langs zenuwbanen vanuit het epitheel door de schedelbasis (je zeefbeen of os ethmoides om precies te zijn) rechtstreeks naar de bulbi olfactorii, je reukballen. Het zijn twee kleine uitlopers (een links, een rechts), vooraan gelegen aan de onderzijde van je brein.

De geurinformatie die binnenkomt in je reukballen wordt verder verwerkt in verschillende hersengebieden. Deze gebieden zijn betrokken bij het bepalen wat je nu eigenlijk ruikt, hoe intens die geur is, waar die geur je allemaal aan doet denken en wat je eigenlijk van de geur vindt. Deze laatste gebieden zijn er niet speciaal voor geurwaarneming. Ze zijn bij van alles en nog wat betrokken. Veel van deze gebieden functioneren slechter of anders in geval van psychopathologie; psychiatrische aandoeningen zoals anorexia nervosa, depressie en schizofrenie. Geurwaarneming is bij deze laatstgenoemde aandoeningen dan ook verstoord [1].

Melanie Brion van het Laboratory for Experimental Psychopathology van de Université catholique de Louvain werkte samen met een boel collega-onderzoekers in haar studie naar de vraag of ook alcoholisme is geassocieerd met verstoorde geurwaarneming [2]. Ze testte het reuk- en smaakvermogen van twintig alcoholisten en vergeleek de prestatie van deze groep met die van een groep gezonde proefpersonen en patiënten die allen leden aan een door alcoholisme veroorzaakt Korsakov-syndroom. Dit syndroom wordt gekenmerkt door anterograde amnesie. Het geheugen functioneert niet meer goed waardoor men geen nieuwe herinneringen meer vormt.

Brion en collega’s toonden aan dat Korsakov-patiënten wel nog scherp kunnen ruiken maar grote moeite hebben met het identificeren en onderscheiden van verschillende geuren. Alcoholisten kunnen wel nog normaal geuren herkennen maar hebben evenzeer grote moeite om geuren van elkaar te onderscheiden. Verstoorde reukzin is een zogeheten biomarker (een biologisch teken aan de wand) voor allerlei psychiatrische aandoeningen en alcoholverslaving valt daar kennelijk ook onder, zo concluderen Brion en collega’s. Dat is interessant, maar is het ook relevant? Zegt het iets over prognose, over behandelsucces? Dat is een belangwekkende vraag want als reukzin verstoord is bij psychopathologie maar de mate waarin het verstoord is niets zegt over hoe succesvol de pathologie kan worden behandeld, is dit niet veel meer dan een amusant bijverschijnsel.


[1] Atanasova, B., Graux, J., El Hage, W., Hommet, C., Camus, V., & Belzung, C. (2008). Olfaction: A potential cognitive marker of psychiatric disorders. Neuroscience & Biobehavioral Reviews, 32(7), 1315–1325. doi:10.1016/j.neubiorev.2008.05.003

[2] Brion, M., de Timary, P., Vander Stappen, C., Guettat, L., Lecomte, B., Rombaux, P., & Maurage, P. (in druk). Chemosensory dysfunction in alcohol-related disorders: A joint exploration of olfaction and taste. Chemical Senses. doi:10.1093/chemse/bjv047

[ssba]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *